JeugdWerkNet, dé plek op internet voor jeugdwerkers

mundopolie

Soort(en):
Thema('s):
Aantal spelers:
1 - 99 spelers, in 1 groep(en)
Leeftijd:
14 - 99 jaar
Terrein:
Duur:
2 uren
Intensiteit:
zwaar (zwaar)
Materiaal:
5 stempels en stempelkussens (of iets in die aard) 5 dobbelstenen Geld voor de boeren : briefjes van 50, 100 en 500 sucres (munteenheid in Ecuador) Drie rode stiften Papier en schrijfgerief Rijst, stokjes, koffiebonen, enkele sinaasappels, komme
Uitleg:

Dit spel beschrijft het wel en wee van de Ecuadoriaanse kleine boer, die met zijn hele hebben en houden afhangt van een grillig regime, een grillige natuur, wrede struikrovers, corrupte beambten en grootgrondbezitters. Het beetje winst dat zijn plantage hem oplevert, kan hem opeens ontglippen; maar hij doet dapper voort en probeert zo goed en zo kwaad als hij kan, met zijn kroostrijk gezin de eindjes aan elkaar te knopen.

Indeling :
-een aantal spelers die de omloop in het bos afleggen = de boeren
-een paar struikrovers
-een paar privé-wachters van de grootgrondbezitter
-5 beambten die elk een vaste post in het bos hebben
-drie natuurrampen : de orkaan, de overstroming, de droogte
-de bank (= start- en eindplaats van de omloop, liefst een begeleider)
-een brugwachter bij de rivier

Elke boer heeft bij de aanvang van de eerste omloop 5 lapjes grond in zijn bezit. Die beplant hij met koffiebonen, bananen, sinaasappels, rijst, of katoen, naar eigen keuze (vb 3 bananenplantages en 2 rijstvelden). Dit noteert hij op zijn kaart, die hij het hele spel door bij zich houdt. Op deze kaart moeten gedurende de omloop de stempels van de beambten komen, anders is de boer niet in orde met zijn papieren en mag de bank zijn winst niet uitbetalen.
Elke boer heeft bij de aanvang een geldsom van 1000 sucres bij zich (vb 4 briefjes van 50, 3 van 100 en 1 van 500) Als alle boeren hun kaarten ingevuld hebben, wordt het startsein gegeven en beginnen ze, elk voor zich, de omloop in het bos. Ze moeten langs 5 kantoren passeren, steeds in klimmende volgorde.

Kantoor 1 : de boer gooit een dobbelsteen. Als hij een oneven getal gooit, stijgen door de inflatie zijn kosten voor levensonderhoud van 500 naar 600 sucres. Gooit hij twee of vier, dan gebeurt er niets en blijven zijn kosten 500 sucres. Dit geld moet een arm gezin jaarlijks uitgeven om te kunnen overleven.

Gooit hij een zes, dan krijgt hij een staatssubsidie van 100 sucres waardoor zijn eigen bijdragen voor levensonderhoud zakken van 500 naar 400 sucres. De beambte noteert het bedrag op het kaartje en zet zijn stempel op de achterkant. Let wel : de boeren moeten aan deze beambte niets betalen. De bank zal op het einde van de omloop deze kosten voor levensonderhoud aftrekken van hun opbrengsten.

Tussen kantoor 1 en kantoor 2 bevindt zich een rivier (kan een beekje zijn, of een open plek). De boer mag enkel de brug gebruiken als hij aan de brugwachter 50 sucres tol betaalt. Wil hij dat niet, dan moet hij een omweg maken.

Kantoor 2 : de boer gooit opnieuw met de dobbelsteen (of trekt een kaart uit een stapeltje,...). Gooit hij 1, dan is zijn vrouw net van een kindje bevallen en moet hij dat aangeven, d.w.z. : 250 sucres direct te betalen aan de beambte. Gooit hij 2, dan gebeurt er niets. Gooit hij drie, dan slaat het noodlot toe : één van zijn kinderen is bezweken aan een ziekte. Hij drinkt zich van verdriet een stuk in zijn kraag en laat de helft van zijn geld bij de beambte achter.

Gooit hij 4, dan kiest hij of hij zijn kinderen wil laten inenten tegen besmettelijke ziekten, tegen de prijs van 150 sucres. Indien hij dat doet, noteert de beambte "kinderen ingeënt" op het kaartje en dan zal bij de volgende omloop zijn kroost van ziekte gespaard blijven (ook als hij 3 gooit in dit kantoor). Doet hij het niet, dan moet hij niets betalen. Gooit hij 5, dan mag hij verder als hij aan de beambte een commissie van 200 sucres betaalt, zoniet moet hij 50 sit-ups doen. Gooit hij 6, dan is hij de gelukkige winnaar van 500 sucres bij een loterij. Van dit bedrag blijft echter 300 sucres aan de vingers van de beambte kleven... zo schieten er nog 200 sucres voor de boer over. Als hij hierover durft klagen, vliegt hij de cel in en moet hij 10 minuten wachten.
In dit kantoor durft de beambte nogal eens te treuzelen vooraleer hij zijn stempel op de kaarten zet. De boeren mogen echter niet verder zonder hun stempel.

Tussen kantoor 2 en kantoor 3 moet de boer oppassen, het is regenseizoen. Als hij gepakt wordt door een orkaan, dan verliest hij de helft van zijn koffie-, banaan- en sinaasappeloogst. Wordt hij geplaagd door overstroming, dan verliest hij de helft van zijn katoenoogst.
Krijgt hij aanhoudende droogte te verwerken, dan verliest hij de helft van zijn rijstoogst.
Als een van deze drie weergoden een arme boer heeft aangetikt, noteert hij in rode stift "orkaan", "droogte", of "overstroming" op de voorzijde van het kaartje.

Kantoor 3 is een schooltje. De boer volgt er avondles. Hij moet één Spaans woord onthouden (d.w.z. : kunnen schrijven en de vertaling weten). Dan krijgt hij een stempeltje van zijn leraar. De les is voor de boeren bijna gratis : 50 sucres per sessie. Die woorden kunnen bv. zijn : escuela (school), naranja (sinaasappel), empleado (beambte),...

Op weg naar kantoor 4 kan de boer aangevallen worden door struikrovers. Als dat gebeurt, dan moet hij al zijn geld afgeven. Hij mag alleen nog 200 sucres houden. De rovers maken een scheur in zijn kaartje. Als de boer in de loop van het hele spel drie keer wordt overvallen, wordt hij door de rovers definitief "uitgeschakeld" en mag hij niet meer meespelen. Hij verliest dan automatisch het spel.

In kantoor 4 moet de boer het woord dat hij in het schooltje leerde, opschrijven, samen met de vertaling. Als het juist is, mag hij door. Als het fout is, moet hij opnieuw naar kantoor 3 om zijn les nog eens te leren en naar kantoor 4 voor de controle (opgepast voor de rovers !). Hij mag pas door als hij het volledig juist heeft. Dan krijgt hij van de beambte in kantoor vier een stempeltje.

Op weg naar kantoor 5 kan de boer op de schouder getikt worden door de privéwacht van de grootgrondbezitter. In dat geval moet hij onder dwang één van zijn velden verkopen voor 250 sucres en is hij het voor de rest van het spel kwijt. Weigert hij, dan wordt zijn veld platgebrand en verliest hij dit jaar de opbrengst van dat veld.

In kantoor 5 moet de boer een opdracht vervullen, want de oogst moet binnengehaald worden.
Gooit hij met de dobbelsteen 1 of 2, dan moet hij tien korrels rijst, één voor één, met twee stokjes van een bord in een potje leggen. De boer heeft een goeie oogst en zijn velden brengen elk 400 sucres op.

Gooit hij 3 of 4, dan moet hij met zijn tenen twintig koffiebonen van een bordje in een potje doen. De oogst is maar matig en zijn velden brengen hem elk 200 sucres op
Gooit hij 5 of 6, dan moet hij met zijn neus een sinaasappel 10 m over de grond rollen. De boer heeft een magere oogst. Zijn velden brengen hem elk slechts 100 sucres op
Als de opdracht goed is uitgevoerd, krijgt de boer zijn laatste stempel op het kaartje. De beambte vult bij elke akker in hoeveel de opbrengst is (100, 200 of 400 X).

Het jaar is om. De boeren spoeden zich naar de bank. Wie daar als eerste aankomt, krijgt een premie van 500 sucres, de tweede 200 sucres en de derde 100 sucres, de rest krijgt geen premie.
Bij de bank wordt het inkomen van de boer berekend :
- de opbrengst van zijn velden : Bv. : Boer Juan heeft een matige oogst en verdient dus 200 sucres per veld. Hij heeft twee bananenvelden en drie rijstvelden. Onderweg heeft hij echter een orkaan gehad, dus verliest hij de helft van zijn bananenopbrengst. Hij heeft dus een inkomen van 800 sucres
- de kosten voor levensonderhoud bedragen 500 sucres. Die worden van het inkomen afgetrokken. Boer Juan ziet echter zijn kosten voor levensonder-houd stijgen met 100 sucres, want de inflatie speelt hem parten.
- eventuele premies voor de drie boeren die eerst aankomen; boer Juan was de derde en krijgt in dit geval 100 sucres.
De bank maakt nu de berekening : OPBRENGST + PREMIES - KOSTEN = INKOMEN van de boer . In het geval van boer Juan betekent dit : 800 sucres + 100 sucres - 600 sucres = 300 sucres. Dit bedrag is positief. Boer Juan heeft dus winst gemaakt en krijgt van de bank uiteindelijk 300 sucres uitbetaald. Met dit geld moet hij het volgende jaar (= de volgende omloop) zien rond te komen.
Na een omloop kunnen de rollen omgewisseld worden, zodat iedereen eens boer geweest is. Iemand anders kan dan met het kaartje van boer Juan en zijn inkomen verderspelen.
Stel dat een boer meer kosten dan opbrengsten heeft en dus een negatief inkomen krijgt, dan moet hij dat negatief bedrag uitbetalen aan de bank. Als hij geen geld meer heeft, dan is hij verplicht aan de bank één of meer van zijn akkers te verkopen aan de prijs van 500 sucres per akker.
Uiteraard zal zijn winst voor het volgende jaar alweer mager zijn, omdat hij minder akkers zal kunnen beplanten. Stel dat een boer erin slaagt veel te verdienen. Dan kan hij bij de bank een veld kopen voor 1200 sucres en dat dus ook beplanten. Zo zal zijn inkomen het volgende jaar (als hij geen pech heeft) nog meer stijgen.

Als alle uitbetalingen gebeurd zijn, kan de tweede omloop beginnen. De boeren bepalen opnieuw wat ze dit jaar op hun velden zullen zetten en bij het startsein vertrekken ze weer voor een ronde in het bos.

Je kan nog een aantal factoren, zoals bijvoorbeeld bodemerosie en overbemesting laten meespelen : in dat geval vermindert jaarlijks de oogst met 10 %.
Kosten voor levensonderhoud kunnen, door de aanhoudende economische crisis, jaarlijks stijgen met 50 sucres.

TIP : Dit spel is afgeleid van het gezelschapsspel MUNDOPOLIE (van Oxfam Wereldwinkels). Zeker aan te raden om eens met je groep te spelen

Een kaart kan er als volgt uitzien (met het eerste oogstjaar van boer Juan erop ingevuld, als voorbeeld) :

NAAM : Juan Gonzales
JAAR 1 JAAR 2 JAAR 3
gewas / opbrengst gewas / opbrengst gewas / opbrengst
natuurramp orkaan
veld 1 banaan / 100
veld 2 banaan / 100
veld 3 rijst / 200
veld 4 rijst / 200
veld 5 rijst / 200
........
Totaal opbrengst (A) 800

premies (B) 100

kosten voor levensonderhoud (C) 600

INKOMEN (A+B-C) 300

Bijlage(s):
door Kris Vuerinckx van De Klinker
01/01/2003 | 2428 bezoeker(s)
DeliciousDiggStumbleUponFacebookTwitterGoogle