JeugdWerkNet, dé plek op internet voor jeugdwerkers

Moeten jeugdwerkers meer verdienen?

Moeten jeugdwerkers meer verdienen? Of hebben ze in ieder geval betere statuten en werkomstandigheden nodig om te werken? Minder overuren en meer extralegale voordelen? Uit het de salarisenquête van Vacature blijkt alvast dat jeugdwerkers (die vallen onder de socio-culturele sector) er wat bekaaid vanaf komen. Maar binnen de groep jeugdwerkers willen de verloningen al eens verschillen, ook al vallen we dan met zo’n allen onder het PC 329.

De jeugdwerkers tewerkgesteld in werkingen met maatschappelijke kwetsbare jeugd (wmkj’s) zijn niet over de hele lijn tevreden, to say the least. Op het congres van Uit de marge op vrijdag 28 november 2008 kreeg An De Meulemeester (voorzitter ACW) alvast een aarzelend applaus bij het pleidooi om meer vakbond te spelen voor de jeugdwerkers. Ook in de werkgroep in de namiddag waar het eigenlijk over de brugfunctie van de jeugdwerker ging naar het onderwijs, waren her en der stemmen die opriepen tot betere opleiding en statuten voor jeugdwerkers in werkingen kansarme jeugd. Want ook al is er in de jeugdsector een loonharmonisering doorgevoerd, de wmkj’s blijven opgescheept met lage inschalingen, tewerkstelling via allerlei projectmiddelen en overblijfselen van nepstatuten. Gevolg: veel mensen die zich inzetten maar ook een groot verloop en lang niet altijd de juiste competenties op de juiste plaats.

Dat sombere beeld staat lijnrecht tegenover de torenhoge verwachtingen om samen te werken met onderwijs, welzijn, sport, cultuur en kwalitatief sterk te blijven werken met de doelgroep maatschappelijke kwetsbare kinderen en jongeren. In Vlaanderen bestaan een 100-tal jeugdwerkingen met maatschappelijk kwetsbare kinderen en jongeren. Terwijl andere jeugdwerkvormen grotendeels door vrijwilligers gedragen worden, treffen we in deze werkingen een veel groter aantal beroepskrachten aan om een aanbod te ontwikkelen dat zo goed mogelijk afgestemd is op de specifieke situatie van maatschappelijk kwetsbare kinderen/jongeren.

Die relatief grote tewerkstelling zorgt ervoor dat de werkingen in (middel)grote steden vaak met een grote hap uit het jeugdwerkbudget gaan lopen. Wat lang niet overal op veel begrip kan rekenen van andere jeugdwerkorganisaties. In verschillende grotere steden werd in de voorbije jaren de beweging gemaakt naar een grotere organisatie zoals KIDS in Antwerpen, JONG vzw in Gent en … in Brussel om te komen tot een efficiëntere personeels-, financieel en administratief beheer. Vraag is natuurlijk of herstructureringen voldoende zijn om de positie van de professionele jeugdwerker te versterken.

Voor veel wmkj’s is het ook spitsroedenlopen in het overleg met de lokale overheden. Zo nu en dan zit het dik tegen. In Brussel zijn er wel vaker aanvaringen met het beleid omdat de werkingen volgens de VGC niet Nederlandstalig genoeg zijn. In Mechelen zijn de botsingen tussen (ondertussen wijlen) jeugdhuis Rzoezie met burgemeester Somers legendarisch. En ook in Antwerpen en Gent is het niet altijd koek en ei. Dat is natuurlijk wat lastig als de overheid zowat je voornaamste broodheer is. En ook niet meteen bevorderlijk voor relatief zekere jobperspectieven.

Kan een” vakbond” voor jeugdwerkers hier iets aan veranderen? Misschien wel, misschien niet. De sector jeugdwerk (en niet alleen de wmkj’s) zou in ieder geval baat hebben bij een screening op het vlak van tewerkstelling en knelpunten op het vlak verloning, overuren, opleiding en vorming, … Meer informatie zou ook de solidariteit tussen jeugdwerkers deugd kunnen doen. Professioneel gezien is het jeugdwerk een verdomd kleine sector die met hart en ziel voor veel kinderen en jongeren werkt. Dus kunnen we het in sombere tijden beter hoopvol voor mekaar opnemen.

Gepost in Krax
door Tinne De Maeyer van Steunpunt Jeugd
17/12/2008 | 820 bezoeker(s) | 0 reactie(s)
DeliciousDiggStumbleUponFacebookTwitterGoogle

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.